Het is 11 maart en de hype rond de Jumbo bereikt een hoogtepunt. Om iets voor 9 uur fietst uw columnist richting Luifelbaan om getuige te zijn van het volksfeest, de opening van onze eigen Wassenaarse Jumbo. Het is mistig op het plein, de toren van de dorpskerk is onzichtbaar maar geeft wel acte de présance met een gedempt klokgelui. Hoe vredig kan een dorp zijn in de vroege ochtend.

Op de Luifelbaan klinkt het aftellen, een kanonschot met sierlinten en een soort ochtend disco barst los met de boodschap dat het ultieme nu bereikt is. Jumbo gaat open en de massa stuwt door de geopende deuren om al dat moois te aanschouwen.

Aan de overkant staat onze lokale slager te kijken. Ik vroeg hem hoe hij de concurrentie ziet. “Ach meneer, het is een collega” is zijn antwoord. ” En als het bij hem regent, druppelt het bij mij”.

Een paar uur later zit ik bij mijn kapper Stephie. “Weet u wat zo jammer is?” is haar commentaar op mijn verhaal over de Jumbo-opening, “in Wassenaar doe je boodschappen, maar je winkelt er niet meer”. Het duurde even voor ik de reikwijdte van deze opmerking op mij in heb laten werken

Ik heb al eerder geschreven over de teloorgang van ons winkelbestand. Heeft een gemeentebestuur dan geen mogelijkheden om bij te sturen? Met enige goede wil is er zoveel te bedenken wat ons dorp weer een dorp zou maken met exclusiviteit, met kleine ondernemers. Helaas zijn de huurprijzen van een pand in Wassenaar dermate hoog, dat je als beginnend ondernemer geen kans krijgt.

Het is een klacht die je overal hoort, overname door grote winkelketens. Geen identiteit meer, maar alles zoals het overal elders ook is. Met een Jumbo en straks misschien ook nog een Action om de nivellering te vervolmaken.